Unverpackt
It is Saturday morning. It is quiet, there is no one in sight. I don't remember a bell ringing when I entered.
Bijna een meter hoog staat tientallen rollen toiletpapier opgestapeld in de Unverpackt winkel in een klein plaatsje in de Duitse Eifel. Super sympathiek dat onverpakt; geen plastic om een pak toiletpapier. Dat je een über-kampeerder met een epische voedselvergiftiging lijkt wanneer je met 7 rollen toiletpapier onder je arm geklemd de winkel uit loopt moet je over hebben voor de schone zaak. En zo’n voedselvergiftiging is helemaal niet ondenkbaar wanneer je onverpakt inkoopt. Voedselveiligheid blijkt een van de uitdagingen van deze winkel.
Op vakantie in de Eifel en altijd nieuwsgierig naar winkelconcepten en verpakkingen was ik hier binnen gegaan om eens rond te neuzen en me te laten informeren. Het is een kleine ruimte maar hel verlicht door de grote etalageruiten. De muren zijn in stemmig duurzaam donkergroen geverfd. Langs die muren houten stellages met daarop grote glazen potten met allerlei noten, granen en rijst. Een wand is gereserveerd voor zakjes en doosjes met poeders en tabletten voor schoonmaak en bodycare.
In het midden een tafel met daarop in gelid kleine potjes en flesjes met honing, jam en sappen. Her en der op de schappen liggen houten borstels en andere houten voorwerpen keurig gesorteerd. De toiletrollen had ik door de etalage al gezien, in een andere hoek zie ik nu ook een stapeling keukenrollen. Er zoemt een koelkast met worst en kazen. Achter in de winkel een toonbank van sloophout. Alles is schoon, ordentelijk en elk voorwerp lijkt minutieus precies geplaceerd. Duitse gründlichkeit.
Het is zaterdagochtend. Het is stil, er is niemand te bekennen. Ik kan me niet herinneren of er een bel klingelde toen ik binnen ging. Aan de zijkant gaat een deur open en vanuit een klein magazijn verschijnt een vrouw in groen uniform, kort grijs haar, bril, vriendelijk gezicht. Ze stelt in niets teleur, is helemaal het type Unverpackt.
Ik vertel haar over mijn professionele belangstelling en of ik haar wat mag vragen. “Aber natürlich” mag dat. Ze is de winkel 4 jaar geleden begonnen uit idealisme. Ze toont me haar magazijn met zakken en emmers. Klanten komen soms van 40 kilometer verderop vertelt ze, die nemen hun eigen potten mee en kopen dan een flinke voorraad. Me dunkt dat één zo’n emmer in haar magazijntje bijna de voorraad is die haar klanten inkopen. De toiletrollen en keukenrollen komen in grote dozen. Haar klanten komen met lege dozen.
Naast de toonbank staat een overvolle krat met lege potjes, bedoeld voor passanten die geen eigen lege verpakking bij zich hebben. Ze blijkt niet aangesloten bij een inkooporganisatie en dat geldt ook voor collega Unverpackt winkels vertetd ze. Ze koopt lokaal in bij boeren en kleine groothandelaren. Ze toont me de lijsten waarop ze de houdbaarheidsdatum van producten invult wanneer ze de potten in de winkel bijvult. Ze vertelt me dat ze verder veel tijd besteed taan schoonmaak. Alle pinten onder de kasten gaan dagelijks los om daar te vegen en te zuigen want ongedierte is de grootste zorg voor Unverpact winkels.
Zo passeert er een ganz gemütlich uur waar ze alle tijd voor me heeft want ik blijf de enige klant. Bij het afscheid geeft ze me een potje zelfgemaakte bodyscrub, een mengsel van gedroogde koffieprut en snippers citrusschillen. Supersympathiek maar een goed verdienmodel lijkt haar idealisme vooralsnog niet. Door de etalage zie ik hoe ze de toiletrollen nog wat herschikt.
This column has been published in Pakkracht 54. It was written and has been published in Dutch.
Picture: Sarah Chai (Pexels)
Latest posts